Staatssecretaris Atsma toont interesse voor aanpak en resultatenNederlandse burgers zullen hun restafval in de komende vier jaar beter moeten gaan scheiden. Nu wordt gemiddeld 50% van het afval gescheiden; in 2015 moet dat 65% zijn. Dat is de ambitie die staatssecretaris Atsma heeft verwoord in de onlangs gepubliceerde visie op afvalbeheer. De vraag is hoe dat het beste kan gebeuren. Omdat in de regio Apeldoorn, Deventer, Zutphen en een deel van de Achterhoek opvallend goede resultaten worden geboekt, is Atsma geïnteresseerd in de aanpak van de verantwoordelijke afvalbeheerbedrijven Circulus en Berkel Milieu. Hij komt daarom op 2 november in Apeldoorn op werkbezoek.
Apeldoorn, 1 november 2011
Niet meer praten over afval, maar over grondstof. Dat is wat staatssecretaris Joop Atsma van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu wil. De staatssecretaris presenteerde eind augustus zijn voornemen om het percentage afval dat gerecycled moet worden te verhogen van 80 naar 83%. Dat lijkt weinig, maar omdat niet-huishoudelijk afval voor een groot deel al gerecycled wordt, komt de nadruk te liggen op een betere scheiding van huishoudelijk restafval. Dat zal tot 2015 moeten afnemen met 18 tot 29%, waardoor grofweg 1 miljoen ton minder afval per jaar verbrand hoeft te worden.
Daling sterker dan rest Nederland
In de gemeenten waarvoor Circulus en Berkel Milieu als afvalbeheerbedrijven actief zijn, is dat streven nu al bereikt. Het gaat daarbij om de gemeenten Apeldoorn, Zutphen, Deventer, Bronckhorst, Brummen, Doesburg, Epe en Lochem. Gemiddeld bedroeg de daling in die gemeenten in de afgelopen tien jaar 24%: twee keer zoveel als in de rest van Nederland. Circulus en Berkel Milieu verklaren deze koploperspositie uit drie factoren.
De eerste is er een sterke gerichtheid bij deze gemeenten op een afvalvrije regio, die daarin samenwerken met de afvalbeheerbedrijven. Veel aandacht gaat daarbij uit naar communicatie en voorlichting aan burgers door middel van de campagne Afvalvrij.nl.
De tweede factor die bijdraagt aan het succes is nauwe samenwerking met sociale partners bij het ophalen van het afval. Deze 'service-aan-huis' wordt uitgevoerd door mensen met een zwakke positie op de arbeidsmarkt. De winst die deze samenwerking oplevert, is niet alleen in geld uit te drukken, maar ook van groot maatschappelijk belang.
De derde factor die bijdraagt aan de goede resultaten, is dat diverse inzamelmethoden op maat worden ingezet. Burgers die leven in hoog- of laagbouw of in een binnenstad zijn immers gebaat bij andere inzamelmethoden dan burgers die in een villawijk wonen, of in het groene buitengebied. Daarbij is het van belang om de inzameling zodanig in te richten dat die een stimulans vormt tot verdere afvalscheiding.
Praktijk toont mogelijkheden
Volgens de staatssecretaris is dat laatste, verdere afvalscheiding, best lastig te realiseren. De praktijk in de regio waar Circulus en Berkel Milieu actief zijn, laat zien welke mogelijkheden er zijn. Om die reden komt staatssecretaris Atsma op woensdag 2 november op werkbezoek bij Circulus in Apeldoorn. Daar bezoekt hij onder meer de retourpunt De Mheen, een aantrekkelijk inzamelpunt voor onder andere papier, glas (met en zonder statiegeld), batterijen, kunststof, kleine elektrische apparaten en kleding. Het inzamelpunt wordt beheerd in samenwerking met een plaatselijke supermarkt. Daarna krijgt de staatssecretaris uitleg over de ontwikkeling en uitvoering van afvalbeheerbeleid dat zich richt op vermindering van restafval.